Overdenking: Elke Schrifttekst is door God geïnspireerd en kan gebruikt worden om onderricht te geven

De meeste van u zullen de stelling onderschrijven dat de Bijbel een moeilijk boek is. En sommige delen lijken ook nog eens weinig leerzaam, en dan is er al snel de neiging ze maar over te slaan. De apostel Paulus is echter duidelijk:

“Elke Schrifttekst is door God geïnspireerd en kan gebruikt worden om onderricht te geven, om dwalingen en fouten te weerleggen, en om op te voeden tot een deugdzaam leven, zodat een dienaar van God voor zijn taak berekend is en voor elk goed doel volledig is toegerust” (2 Tim 3:16-17).

Maar ook dan is het al snel:

‘toch niet al die geslachtsregisters?’;

om dan vervolgens ook nog andere delen maar als minder nuttig te bestempelen. Wie zich christen noemt, zegt daarmee echter een volgeling van Christus te zijn, en

“een leerling staat niet boven zijn leermeester; pas als iemand zich alles heeft eigen gemaakt, zal hij de gelijke zijn van zijn leermeester” (Luk 6:40).

Het was de Schrift die maakte dat Jezus “voor zijn taak berekend was”, dus onze houding tegenover die Schrift moet dezelfde zijn als die van Hem.

Lukas beschrijft ons de twaalfjarige Jezus bij zijn eerste bezoek aan Jeruzalem. Tot die tijd zal Hij zijn Schriftkennis hebben opgedaan bij de dorpsrabbijn in Nazaret. Nu krijgt Hij de gelegenheid de vragen die Hij daar niet beantwoord kreeg, voor te leggen aan de ‘theologische hoogleraren’ in de tempel. Toen zijn ouders Hem zochten

“vonden ze hem in de tempel, waar hij tussen de leraren zat, terwijl hij naar hen luisterde en hun vragen stelde … Jezus groeide verder op en zijn wijsheid nam nog toe” (Luk. 2:46,52).

De eerstvolgende keer dat we Jezus in Lukas aan het woord horen, is bij de verzoeking in de woestijn. We lezen daar, uit die periode van 40 dagen, over drie specifieke verzoekingen. Los van de inhoudelijke kant daarvan, valt het op hoe elke verzoeking direct met een citaat uit de Schrift wordt weerlegd. We lezen er misschien gemakkelijk overheen, maar het vereist een zeer gedegen schriftkennis om de kern van een verzoeking te doorgronden en dan meteen te weten wat de Schrift juist daarover zegt. Bovendien valt het op hoe de antwoorden alle zijn genomen uit een tweetal hoofdstukken in Deuteronomium, de ‘herhaling van de wet’. Deze beschrijven hoe God zijn volk rijkelijk heeft gezegend, en waarschuwen hen trouw te blijven, ook als ze geen gebrek lijden maar juist dankbaar zouden moeten zijn voor alle zegeningen.

Zulke verzoekingen komen later in zijn leven terug, maar de toon is hier gezet. Iedere verzoeking wordt meteen weerlegd met een gebod van God. De lessen, als jongen geleerd door zich de Schrift eigen te maken, komen nu van pas om iedere verzoeking te weerstaan. Zij zorgen inderdaad dat Jezus “voor zijn taak berekend is”. Blijkbaar is de les voor ons hier dat dankbaarheid voor onze verlossing ook ons zou moeten helpen weerstand te bieden aan verzoekingen, en niet als Adam en Eva te luisteren naar de redenering van een verleider in plaats van resoluut te stellen wat God geboden heeft.

Het valt op hoe vaak Jezus uit de Schrift citeert, ook met betrekking tot wat over Hemzelf geschreven is.

“Hij nam de twaalf apart en zei tegen hen: We zijn nu op weg naar Jeruzalem, en alles wat door de profeten is geschreven zal men de Mensenzoon laten ondergaan.” (Luk. 18:31).

Hij wist redelijk tot in detail wat er ging gebeuren, omdat Hij dat las in de Schrift.
Zulke verzoekingen komen later in zijn leven terug, maar de toon is hier gezet. Iedere verzoeking wordt meteen weerlegd met een gebod van God. De lessen, als jongen geleerd door zich de Schrift eigen te maken, komen nu van pas om iedere verzoeking te weerstaan. Zij zorgen inderdaad dat Jezus “voor zijn taak berekend is”. Blijkbaar is de les voor ons hier dat dankbaarheid voor onze verlossing ook ons zou moeten helpen weerstand te bieden aan verzoekingen, en niet als Adam en Eva te luisteren naar de redenering van een verleider in plaats van resoluut te stellen wat God geboden heeft.

Achteraf verwijt Hij zijn discipelen dat zij dat niet gezien hebben:

“Toen zei hij tegen hen: Hebt u dan zo weinig verstand en bent u zo traag van begrip dat u niet gelooft in alles wat de profeten gezegd hebben? Moest de Messias al dat lijden niet ondergaan om zijn glorie binnen te gaan? Daarna verklaarde hij hun wat er in al de Schriften over hem geschreven stond, en hij begon bij Mozes en de Profeten”. (Luk. 24:25-
27).

‘Mozes’ betekent hier: de eerste vijf boeken van de Schrift; dat is, naast Genesis, ook de gehele Wet. Door de brief aan de Hebreeën bijvoorbeeld kunnen wij nu een heel eind komen in ons begrip hoe de wet vooruit wees naar Christus. Maar hoewel wij zo achteraf het werk van Christus wel kunnen begrijpen, dat zijn discipelen toen niet hebben begrepen, blijft het de vraag hoever wij zouden komen als wij zouden moeten opsommen

“alles wat in de Wet van Mozes, bij de Profeten en in de Psalmen over (Hem) geschreven staat” (Luk. 24:44).

In elk geval:

hoe beter je de Schrift kent, hoe meer het lijkt te worden.

Jezus citeert echter nog veel meer uit wat wij het Oude Testament noemen. Bij de verzoeking in de woestijn geeft de Schrift steeds het antwoord; zo ook bij de vele pogingen Hem met een strikvraag in de val te laten lopen. En ook dan is regelmatig het verwijt aan zijn gehoor

“Dwaalt u niet? U kent blijkbaar de Schriften niet en evenmin de macht van God.” (Mark. 12:24).

Nogmaals:

“Elke schrifttekst is door God geïnspireerd en kan gebruikt worden om onderricht te geven, om dwalingen en fouten te weerleggen, en om op te voeden tot een deugdzaam leven, zodat een dienaar van God voor zijn taak berekend is en voor elk goed doel volledig is toegerust”.

We zien hoe Jezus de Schrift gebruikt om zijn taak te begrijpen en om volledig toegerust te zijn; we zien hoe Jezus die gebruikt om dwalingen en fouten te weerleggen; we zien hoe Jezus die gebruikt om onderricht te geven. Wanneer wij zijn discipelen willen zijn, verwacht Hij van ons zo’n zelfde houding.

In Lukas komt een man tot Jezus met de vraag:

“Meester, wat moet ik doen om deel te krijgen aan het eeuwige leven?” (Luk. 10:25).

Jezus’ antwoord is niet een uitleg, maar een wedervraag:

“Wat staat er in de wet geschreven? Wat leest u daar?”.

Blijkbaar is de Schrift de eerste plaats om naar antwoorden te zoeken. Er staan bijna 3000 mensen in de Schrift genoemd, met soms uitgebreide beschrijvingen van hun leven en de problemen die zij hadden. Waarschijnlijk staan veel van onze problemen al in de Schrift beschreven, met een inzicht in de gevolgen van de keuzes die anderen maakten in eenzelfde situatie. Wij kunnen in gebed van alles aan God en Jezus voorleggen, maar als het antwoord in de Schrift staat, moeten we ons afvragen in hoeverre we opnieuw een antwoord mogen verwachten. Als we onze kinderen hebben uitgelegd hoe een woordenboek werkt, zullen we ook niet altijd meteen antwoord geven als ze weer eens vragen:

‘Hoe schrijf je dat?’.

Jezus sprak zeer veel met zijn Vader in gebed, maar Hij deed dat met een grondige Schriftkennis, om niet naar de bekende weg te hoeven vragen.
Toch zitten we nog steeds met het probleem dat de Bijbel een moeilijk boek is. Van de jonge Jezus lezen we

“het kind groeide op, werd sterk en was begiftigd met wijsheid” (Luk. 2:40),

en toch bleef hij met vragen zitten, zoals Hij die ondermeer stelde aan de geleerden in de tempel.

De Bijbel is een boek waar je in kan blijven studeren en steeds blijven leren. Het is wat dat betreft uniek. Door het te lezen, leer je in eerste instantie wat er in staat om, zoals in het voorbeeld van Jezus, daarmee verzoekingen te kunnen weerstaan. Maar na het een aantal keer van kaft tot kaft te hebben gelezen, leer je ook de verbanden te zien, leer je te zien hoe een gebeurtenis model staat voor iets anders. In het voorbeeld van Jezus: om te begrijpen al wat in de Wet, de Psalmen en de profeten over Hem geschreven staat, hoewel Hij daar vaak niet met een titel als Messias genoemd wordt. Een hulp bij dit soort verbanden zijn aanhalingen. In boekrollen, zonder hoofdstuk en vers, waren verwijzingen moeilijk. Wat de Schrift daarom doet, is een kort citaat geven, waarbij de lezer verondersteld wordt het te herkennen en in staat te zijn het verband van het aangehaalde vers te bekijken. Soms wordt er een schrijver bij vermeld, vaak ook niet. Als simpel voorbeeld: de woorden uit de hemel bij Jezus’ doop zijn twee aan elkaar gekoppelde citaten, het ene over de Messiaanse koning, het andere over een lijdende dienaar. In wat oudere vertalingen staan er verwijzingen bij, voor wie zo’n citaat niet zo snel herkent, maar moderne uitgaven gaan er helaas van uit dat de lezer die niet nodig heeft.
Bij sommige van zulke citaten lijkt zo’n vers wat uit zijn verband gehaald, alsof het daar alleen maar toevallig goed uitkwam. Het eerste dat je in zo’n geval moet doen, is nagaan wat het verband van het aangehaalde vers is, en uit dat verband meer te leren over de reden waarom het geciteerd wordt. Als Jezus bij de tempelreiniging zegt:

“Staat er niet geschreven: Mijn huis moet voor alle volken een huis van gebed zijn? Maar jullie hebben er een rovershol van gemaakt!” (Mark. 11:17),

dan citeert Hij feitelijk twee passages: uit Jes. 56 en Jer.7. Het verband van deze twee passages vertelt ons veel meer over wat Jezus bedoelt, dan de veronderstelling dat Jezus alleen maar een toevallig geschikt vers gebruikt. En ook zijn gehoor zal die citaten herkend hebben. Dit is een vrij eenvoudig voorbeeld, maar soms is het niet meteen helder waarom een bepaald vers wordt aangehaald. Toch heeft de schrijver er een bedoeling mee gehad, en het is aan ons om dat uit te zoeken.
En dan tot slot die geslachtsregisters, bij uitstek beschouwd als “onleesbare stukken”. Toch is het opvallend dat ons Nieuwe Testament niet begint met de geboorte van Jezus, maar met zijn geslachtsregister. Het allereerste vers luidt:

“Overzicht van de afstamming van Jezus Christus, zoon van David, zoon van Abraham.” (Matth. 1:1),

om vervolgens de afstammelingen van Abraham en David op te sommen.
Meteen al in dit eerste vers zien we dus hoe Jezus de erfgenaam is van de belangrijkste heilsbeloften uit het Oude Testament: de beloften aan Abraham (o.a. Gen. 12, 17 en 22) en de belofte aan David (o.a. 1 Kron. 17). Die erfgenaam is nu geboren. Wat ook opvalt is hoe Mattheüs van alle vrouwen in de lijn van Jezus er, naast Maria zijn moeder, maar vier noemt. Sara wordt bijvoorbeeld niet genoemd, Rachab en Tamar wel. Deze vier zijn blijkbaar gekozen om ons iets te leren. Hoe beter wij de Schrift kennen, hoe meer het ons helpt om

“opgevoed te worden tot een deugdzaam leven”.

En zelfs geslachtsregisters kunnen ons daarbij behulpzaam zijn.

*
Bijbelcitaten uit de NBV, tenzij anders vermeld

M.H.

+

Lees hier ook

Gods vergeten Woord 19 Geopenbaarde Woord 4 Het ware licht

Gods vergeten Woord 21 Intro: In de wereld maar niet van de wereld

Begrippen satan en duivel in de Bijbel

++

Aanvullende lectuur

  1. De boekrol
  2. Belangrijkheid van de Heilige Schrift
  3. Woorden neergeschreven ter toerekening van elke mens
  4. Jezus van Nazareth #2 De zoon van Maria
  5. Jezus van Nazareth #4 Die geen zonde gedaan heeft
  6. De verzoening in type en antitype 1 Offers en hogepriesters
  7. Alle dingen eertijds geschreven tot ons onderricht
  8. Wanneer men geloof gevonden heeft door de studie van de Bijbel moet men werken van geloof verwezenlijken

+++

Surplus lectuur

  1. Schriftbetrokkenheid
  2. Bybelstudie in ‘n Neutedop
  3. Hoekom het ons hierdie 66 Boeke in ons Bybel?
  4. So in die verbygaan…woorde van lewe.
  5. Reading the Bible for yourself: modern message in an ancient meaning
  6. Profete
  7. Uitsonderlike vroue in die boek Eksodus
  8.  Wat is van belang in jou lewe?
  9. Christen of “Christen-ish”?
  10. Creative Bible Teaching

Over Christadelphians

Free Christadelphians or Brothers and sisters in Christ, living in Belgium, European Union. - Vrijë Christadelphians of Broeders en zusters in Christus wonende in België in de Europese Unie.
Dit bericht werd geplaatst in Bedenking, Bijbel of Heilige Schrift, Bijbelonderzoek, Christen zijn, Jezus Christus, Jesus, Jeshua, Jahushua, Levensvragen, Woord van God en getagged met , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Een reactie op Overdenking: Elke Schrifttekst is door God geïnspireerd en kan gebruikt worden om onderricht te geven

  1. Pingback: Wie bedoelde Jezus met de “andere schapen” (Johannes 10:16)? | From guestwriters

Laat een Reactie achter - Leave a Reply

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.