Gods vergeten Woord 17 Geleid door de Geest 3 Einde van de gaven

Het einde van de gaven

 

In zijn brief aan de gemeente te Korinte duidt Paulus, als ondersteuning van zijn betoog om niet al te zeer te vertrouwen op de gaven van de Geest, aan dat deze gaven maar tijdelijk zijn. In zijn bekende hoofdstuk over de liefde als hoogste ‘gave’ zegt hij:

“De liefde vergaat nimmermeer; maar profetieën zij zullen afgedaan hebben; tongen zij zullen verstommen; kennis zij zal afgedaan hebben. Want onvolkomen is ons kennen en onvolkomen ons profeteren. Doch als het volmaakte komt, zal het onvolkomene afgedaan hebben” (1 Kor. 13:8-9)

Waarschijnlijk doelt Paulus hier in eerste aanleg op het gereedkomen van het NT dat de rol van profeteren en spreken in tongen over zal nemen. Maar er zijn redenen om te menen dat Paulus ook verder kijkt dan de onmiddellijke toekomst, naar de vervulling in Gods Koninkrijk. Want aan het eind van het hoofdstuk zegt hij:

“Want nu zien wij nog door een spiegel, in raadselen [spiegels in die tijd waren gepolijste koperplaten], doch straks van aangezicht tot aangezicht. Nu ken ik onvolkomen, maar dan zal ik ten volle kennen, zoals ik zelf gekend ben” (vs. 12).

Zijn betoog is dat de gaven, waar zij zoveel waarde aan hechtten, slechts van die tijd waren en dat die hen niet in het Koninkrijk konden brengen.

File:Peter and John laying their hands on the disciples.jpg

Het opleggen der handen door Petrus en Johannes op hun leerlingen. (Peter and John laying their hands on the disciples. – 1873 – The story of the Bible from Genesis to Revelation)

Maar het is ook los van deze aankondiging duidelijk dat er een eind moest komen aan de gaven. We hebben al vastgesteld dat de gaven alleen doorgegeven konden worden door middel van handoplegging door de apostelen. Als de evangelist Filippus in Samaria vele bekeerlingen heeft gemaakt , moeten de apostelen Petrus en Johannes uit Jeruzalem komen om hun de handen op te leggen (Hand. 8:14-17). Als één van de bekeerlingen, de voormalige tovenaar Simon, ziet dat de apostelen door handoplegging de Geest door kunnen geven, biedt hij Petrus geld aan om ook zelf die mogelijkheid, die hij ook toen kennelijk nog niet bezat, te verkrijgen:

“Geef ook mij deze macht, opdat, als ik iemand de handen opleg, hij de Heilige Geest ontvange” (Hand. 8:19).

Het is duidelijk dat alleen de apostelen zelf de gaven zo door konden geven. Met de dood van de apostelen is deze mogelijkheid verdwenen en een generatie later moeten de gaven tot een einde zijn gekomen. Er was toen geen mogelijkheid meer om de gaven te verlenen. Maar er was ook geen noodzaak meer toe. Het NT was toen gecompleteerd en had de taak van de apostelen overgenomen.

+

Voorgaande

Gods vergeten Woord 17 Geleid door de Geest 1 Waterdoop en Vuur

Gods vergeten Woord 17 Geleid door de Geest 2 De gift en de gaven

Advertenties

Over Christadelphians

Free Christadelphians or Brothers and sisters in Christ, living in Belgium, European Union. - Vrijë Christadelphians of Broeders en zusters in Christus wonende in België in de Europese Unie.
Dit bericht werd geplaatst in Christen zijn, Geschiedenis, Kerkopbouw en getagged met , , , , , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

2 reacties op Gods vergeten Woord 17 Geleid door de Geest 3 Einde van de gaven

  1. Pingback: Gods vergeten Woord 17 Geleid door de Geest 4 Leiding door de Geest | Broeders in Christus

  2. Pingback: Gods vergeten Woord 19 Het Lichaam van Christus 2 Gezamenlijkheid | Broeders in Christus

Laat een Reactie achter - Leave a Reply

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.