De Voltooiing van de schepping 4 Buitenbijbelse leer

Zo werd ook het eerste mensenpaar beproefd, opdat de mate van hun geloof en gehoorzaamheid ook onder beproeving zou blijken. De suggestie voor de overtreding kwam van buiten, maar het was de mens zelf die faalde. Die suggestie kwam voorts, volgens het bijbelverhaal zelf, van een medeschepsel dat wordt omschreven als “het listigste van alle dieren des velds”. Een buitengewoon intelligent schepsel, maar nog geen bovennatuurlijke macht. In feite ontbreekt iedere aanduiding dat hier een strijd op hoger niveau, tussen licht en duisternis, gaande zou zijn. Terwijl dat, als dat zo was, toch van fundamentele betekenis voor het begrip van deze situatie zou zijn geweest.

File:Snake with Tree PC160220.jpg

De slang rond de boom van Kennis van Goed en Kwaad

Dat is ook het probleem met de hele satans­leer: hij steunt niet op een duidelijke bijbelse leer. Theologen voeren veeleer aan dat we te maken hebben met een mondelinge overlevering, waarvan we alleen de weerslag vinden in enkele verzen hier en daar verspreid over de Bijbel. Deze verzen moeten het verhaal dan illustreren maar ze zijn niet toereikend om het verhaal zelf uit te reconstrueren. Een commentaar op de gebeurtenis in Genesis 3 zegt enerzijds over de beschrijving van de slang:

‘Daarmee wordt duidelijk gezegd dat de slang tot de “dieren” behoorde; en elke poging zoals er in de loop der tijden zovele zijn gedaan, om deze slang niet als een dier te beschouwen, moet hierop onherroepelijk afstuiten.’1)

Om even verderop toch weer aan te voeren:

‘Worden wij niet gedrongen tot het ver­moeden (cursivering van mij, RR) dat achter dit dier zich een boze, geestelijke macht verbergt, die door dit dier werkt en zich daarvan bedient om haar godde­loze oogmerken na te jagen?’

Maar tot zo’n uitleg kom je alleen als je daar om andere redenen al van overtuigd bent. Het zit, zoals de schrijver zelf constateert, niet echt in de tekst. Een andere theoloog constateert over de gehele satans­leer:

‘Reeds in het Paradijs heeft God Zichzelf geopenbaard. Ongetwijfeld heeft Hij ook aan Adam een openbaring gegeven aan­gaande de satan. Over deze openbaring kunnen wij verder niets zeggen, omdat de Schrift ons daarover niet inlicht.’ 2)

Op zichzelf is het uiteraard waarschijn­lijk dat mensen in vroege tijden beschikt heb­ben over een eigen mondelinge (profetische) openbaring. Het geheel van Gods handelen met de mensen, zoals weergege­ven in de Bijbel, maakt dat waarschijnlijk. Maar het is onwaarschijnlijk dat een zo fundamenteel punt niet daarna ook op schrift zou zijn gesteld en dat we het moeten hebben van enkele terloopse toespelin­gen verspreid over de Schrift. Dezelfde schrijver constateert met betrekking tot het scheppingsverhaal:

‘Onder alle volken is b.v. een scheppings- en een Paradijstraditie. Deze tradities wijzen op een gemeenschappelijke bron. Die bron is de openbaring, die God aan de mens gaf. Maar de men­selijke kennis, die aan die bron te dan­ken was, werd niet zuiver doorgegeven. Ze verbasterde op ontstellende wijze. Toen God later de heilige mannen zijn openbaring schriftelijk liet vastleggen, was een nieuwe openbaring nodig.’

Toch gaat hij ervan uit dat we door de traditie wel voldoende zijn ingelicht over de satan, en dat die leer niet ‘op ontstellende wijze is verbasterd’. En deze houding is karakteristiek voor die van vele theologen ten aanzien van dit punt. Er wordt in elk geval mee toegegeven dat de satansleer niet steunt op de Bijbel, maar op een buitenbijbelse traditie. Wel meent men de weerslag van deze traditie terug te vinden in bepaalde passa­ges, maar de leer is daar niet op gegrondvest.

We moeten dus tot de slotsom komen dat de leer van een zelfstandige macht van het kwaad tegenover God weliswaar redelijkerwijs in strijd is met de almacht van God, maar dat deze leer niet bijbels is. Hij is afgeleid van het Perzisch dualisme en wordt in de Bijbel nadrukkelijk verworpen. De bijbelse ‘beproever’ staat in dienst van God en werkt mee om de gelovigen op te voeden tot geestelijke volmaaktheid en vertrouwen in God. Voor het uiteenzetten van de populaire christelijke satansleer zijn theologen genoodzaakt zich te beroepen op een veronderstelde buitenbijbelse traditie. De conclusie kan daarom zijn dat het geloof ook op dit punt redelijk en logisch is, maar alleen als men terugkeert tot de bijbelse leer en afziet van ingeslopen opvattingen van andere (hier Perzische) oorsprong.

  • Rudolf Rijkeboer

*

1)  Korte Verklaring der Heilige Schrift (Deel 1)

2)  Dr. A de Bondt, De Satan.

 +

Voorgaande

Verlossing #2 De Bijbelse oplossing

Vervolg

Addendum: de begrippen satan en duivel in de Bijbel > 1. Het bijbelse begrip ‘satan’ 2. Het bijbelse begrip ‘duivel’

++

Aanvullende lezing

  1. Op zoek naar antwoorden op de vraag Is er een God # 1 Veel goden
  2. Vertrouwen, Geloof, Roepen en Toeschrijving aan Jehovah #15 Expositie voor de Schepper
  3. Satan of duivel
Advertisements

About Christadelphians

Free Christadelphians or Brothers and sisters in Christ, living in Belgium, European Union. - Vrijë Christadelphians of Broeders en zusters in Christus wonende in België in de Europese Unie.
This entry was posted in Bedenking, Bijbelonderzoek, Geschiedenis, Godsdienst, Levensvragen and tagged , , , , , , , , , , , , , , , , , , , . Bookmark the permalink.

One Response to De Voltooiing van de schepping 4 Buitenbijbelse leer

  1. Pingback: Begrippen satan en duivel in de Bijbel | Broeders in Christus

Laat een Reactie achter - Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s