Het begin van Jezus #11 Goddelijk verwezenlijkt en niet geïncarneerd

Na Johannes de Doper

Het was de neef van Jezus van Nazareth die de mensen rondom hem liet weten dat hij niet de Gezalfde was, maar dat het diegene was die hij zou dopen, terwijl hij niet waardig was zijn schoenveters los te maken.

Prediking van Johannes de Doper’ - olieverf op hout – 34 x 46 cm. - Lucas van Valckenborch, Zoon van Laureys

“Daarna ging Jesus met zijn leerlingen naar het platteland van Judea, waar Hij met hen enige tijd verbleef, en er doopte. Maar ook Johannes diende te Ennon bij Salim het doopsel toe; want daar was veel water, en men ging er heen, om zich te laten dopen. Johannes toch was nog niet in de gevangenis geworpen. Toen de leerlingen van Johannes eens geschil kregen met een Jood over godsdienstige reiniging, kwamen ze bij Johannes, en zeiden tot hem: Rabbi, Hij die met u was aan de overkant van de Jordaan, en over wien ge getuigenis hebt afgelegd: zie, Hij dient het doopsel toe, en ze gaan allen naar Hem. Johannes antwoordde: Niemand kan beslag op iets leggen, tenzij het hem gegeven is uit de hemel. Gij zelf zijt mijn getuigen, dat ik gezegd heb: Niet ik ben de Christus, maar ik ben Hem vooruit gezonden. Hij die de bruid bezit, is de bruidegom; maar de vriend van den bruidegom, hij staat naar hem te luisteren, en is al zielsverheugd, als hij de stem van den bruidegom hoort. Dit is mijn vreugde, en ze is volkomen; Hij moet groter, maar ik moet kleiner worden. Wie van boven komt, is boven allen. Wie van de aarde is, behoort aan de aarde en spreekt van de aarde. Wie uit de hemel komt, is boven allen, en Hij getuigt wat Hij gezien en gehoord heeft; maar niemand neemt zijn getuigenis aan.  —  Wie zijn getuigenis aanvaardt, drukt er zijn zegel op, dat God waarachtig is; want Hij, dien God heeft gezonden, spreekt de woorden van God; God immers geeft den Geest zonder maat. De Vader bemint den Zoon, en heeft Hem alles in handen gegeven.  —  Wie in den Zoon gelooft, heeft het eeuwige leven; maar wie in den Zoon niet gelooft, zal het leven niet zien, maar Gods gramschap blijft op hem liggen.” (Johannes 3:22-36 Canis)

Indien Johannes Jezus vooruit zond waren zij tijdgenoten. De Heilige Schrift laat ons ook weten dat zij niet zo maar in de zelfde tijd leefden, maar bloedverwanten waren, namelijk elkaars neef. In zijn  familie kon Johannes horen in welke mate Jezus op bijzondere wijze tot stand was gekomen. Johannes was zich bewust van zijn taak en bracht dan ook de boodschap van hem die nog zou komen.

“Aanvang der blijde boodschap van Jesus Christus, den Zoon van God: zoals geschreven staat bij den profeet Isaias: Zie, Ik zend mijn gezant voor U uit, Om voor U de weg te bereiden. De stem van een roepende in de woestijn: Bereidt de weg des Heren, Maakt recht zijn paden. Johannes de Doper trad op in de woestijn, en preekte een doopsel van boetvaardigheid tot vergiffenis der zonden. En het hele land van Judea en allen uit Jerusalem liepen naar hem uit, en lieten zich door hem dopen in de rivier de Jordaan, terwijl ze hun zonden beleden.” (Markus 1:1-5 Canis)

“Na mij komt er Een, die machtiger is dan ik; ik ben niet waardig, om mij voor Hem neer te bukken, en zijn schoenriem los te maken. Ik heb u met water gedoopt, maar Hij zal u dopen met den Heiligen Geest.” (Markus 1:7-8 Canis)

In het verleden hadden reeds meerderen zich voorgedaan als diegene die redding zou brengen maar indien de mensen hun rollen of boekdelen zouden lezen overhandigd door hun voorvaders en zij voldoende aandacht zouden schenken aan wat er in stond konden zij bij het leren van de Thora en de Profeten wie God was en wat Hij nog ging verwezenlijken. Door het bestuderen van de Heilige Geschriften konden de mensen zich een beeld vormen van die gene waar zij moesten naar uitkijken. Alsook zouden zij dan kunnen beseffen dat de tijd aangekomen was.

Enkele mensen beweerden de redder te zijn en in de geschiedenis zijn er velen geweest die Jeshua of Iessou (Isa) of Jezus waren genoemd, zelfs vandaag vinden wij nog mensen die Jezus, Jesus of Chésu noemen. De naam Iessou of Jezus  betekent eigenlijk Heil Zeus terwijl Yahushua, Yehoshua, Yeshua, Jehoshua of Jeshua duidt op “YaHuWah Redt” of Jehovah Redt”. Zo is de “Immanuel” of Emmanuel de “God met ons” geboren te Bethlehem in -4 voor onze Gewone Tijdrekening, de redder die God voorzien heeft.

De Engel Gabriel brengt Gods boodschap over.

In het Nieuwe Testament komt Gabriël tweemaal voor, in het evangelie volgens Lucas in hoofdstuk 1, vers 11-20, lezen we de aankondiging van de geboorte van Johannes de Doper. De priester Zacharias, uit het priesterlijk geslacht van Abias; echtgenoot van Elisabet die  behoorde tot de dochters van Aäron, geloofde het niet dat zijn vrouw op zulk een hoge leeftijd nog een kind kon krijgen.

“Daar verscheen hem een engel des Heren, die rechts van het wierookaltaar stond. Zakarias ontstelde bij dit gezicht, en beefde van angst. Maar de engel sprak tot hem: Vrees niet, Zakarias, want uw gebed is verhoord; Elisabet, uw vrouw, zal u een zoon schenken, en ge zult hem Johannes noemen. Ge zult juichen en jubelen, en velen zullen zich over zijn geboorte verheugen. Want hij zal groot zijn voor den Heer; hij zal geen wijn drinken, noch sterke drank; en reeds van de schoot zijner moeder af zal hij worden vervuld van den Heiligen Geest. En vele kinderen van Israël zal hij bekeren tot den Heer hun God; hij zal voor Hem uitgaan met de geest en de macht van Elias, om de harten der vaders tot de kinderen terug te brengen, en de weerspannigen tot de gezindheid van rechtvaardigen, en den Heer een goedgestemd volk gaan bereiden. Maar Zakarias zei tot den engel: Waaraan zal ik dat erkennen? Want ik ben oud, en ook mijn vrouw is reeds op jaren. De engel antwoordde hem: Ik ben Gábriël; ik sta voor Gods aanschijn, en ben gezonden, om u toe te spreken, en u deze blijde boodschap te brengen. Zie, ge zult stom zijn en niet kunnen spreken, tot de dag waarop dit geschieden zal; omdat ge mijn woorden niet hebt geloofd, die te hunner tijd in vervulling zullen gaan.” (Lukas 1:11-20 Canis)

Later verscheen die zelfde aartsengel aan Maria. Toen de engel voor de maagd Miryam/Miriam verscheen, had zij die nu ook beter gekend is onder de naam Mary/Maria een heel redelijk bezwaar dat zij tot nu toe ongetrouwd was en daarom nog geen betrekkingen had gehad. Maar de boodschapper van God, Gabriel kondigde haar aan dat heilige geest over haar zou komen. De macht van het de allerhoogste zou haar overschaduwen en voor die reden inderdaad (dio kai) zou het heilige kind  voortgebracht worden dat zou genoemd worden Zoon van God. (Lukas 1:35). Zoals de engelen zeggen dat het een zoon van God was die voortgebracht zou worden, is het te zeggen dat deze zou in bestaan komen of zou geboren worden.

“In de zesde maand nu werd de engel Gabriël door God gezonden naar eene stad van Galiléa, met name Nazaret, tot eene maagd, die ondertrouwd was met een man, wiens naam was Jozef, van Davids huis; en de naam der maagd was Maria. En hij kwam bij haar binnen en zeide: Wees gegroet, gij begenadigde! de Heer is met u. Zij nu ontroerde over dat woord, en overlegde, welk eene groete dit mogt zijn. En de engel zeide tot haar: Vrees niet, Maria! want gij hebt bij God genade gevonden; en zie, gij zult zwanger worden en eenen zoon baren, en gij zult zijnen naam Jezus noemen. Deze zal groot zijn, en de Zoon des Allerhoogsten genaamd worden; en God de Heer zal hem den troon zijns vaders Davids geven, en hij zal over het huis Jakobs koning zijn tot in eeuwigheid, en aan zijn koningschap zal geen einde zijn. Maria nu zeide tot den engel: Hoe zal dit zijn, dewijl ik geen man beken? En de engel antwoordde en zeide tot haar: De heilige geest zal over u komen, en de kracht des Allerhoogsten zal u overschaduwen: daarom zal ook het heilige, dat geboren wordt, Gods Zoon genaamd worden.” (Lukas 1:26-35 Vissering_NT)

“Maria nu stond in die dagen op en reisde met spoed naar het gebergte, naar eene stad van Juda; en zij ging het huis van Zacharia binnen en groette Elizabeth. En het geschiedde, toen Elizabeth de groete van Maria hoorde, dat het kindeken in haren schoot opsprong. En Elizabet werd van heiligen geest vervuld, en zij riep met luid geroep en zeide: Gezegend zijt gij onder de vrouwen, en gezegend is de vrucht uws schoots! En van waar geschiedt mij dit, dat de moeder mijns Heeren tot mij komt? Want zie, toen de stem uwer groete in mijne ooren kwam, sprong het kindeken in vreugde op in mijnen schoot. En zalig gij die geloofd hebt, dat volbragt zal worden wat u van den Heer gezegd is! En Maria zeide: Mijne ziel maakt den Heere groot, en mijn geest juicht over God mijnen Heiland, omdat hij op de vernedering zijner dienstmaagd heeft neêrgezien. Want zie, van nu aan zullen al de geslachten mij zalig spreken, omdat de Almagtige aan mij wat groots heeft gedaan. En heilig is zijn naam, en zijne barmhartigheid is tot in alle geslachten voor degenen die hem vreezen. Hij doet met zijnen arm een krachtig werk; verstrooit die hoogmoedig zijn in de gedachte huns harten. Hij stoot magtigen van den troon, en verhoogt nederigen. Hongerigen verzadigt hij van goederen, en rijken zendt hij ledig weg. Hij trekt zich zijnen knecht Israël aan, om der barmhartigheid te gedenken— gelijk hij gesproken heeft tot onze vaderen—jegens Abraham en zijn zaad tot in eeuwigheid. Maria nu bleef omtrent drie maanden bij haar, en keerde naar haar huis terug.” (Lukas 1:39-56 Vissering_NT)

Pregnant Virgin Mary (Dirbi fresco)

De zwangere Maria - 13°/14° eeuw Paleologische-stijl fresco van de Dirbi klooster van Dormition in Shida Kartli, Georgië

“De geboorte nu van Jezus Christus was aldus. Terwijl zijne moeder Maria met Jozef ondertrouwd was, werd zij, eer zij waren zamen gekomen, zwanger bevonden uit den heiligen geest.” (Mattheüs 1:18 Vissering_NT)
“Deze zal groot zijn, en de Zoon des Allerhoogsten genaamd worden; en God de Heer zal hem den troon zijns vaders Davids geven,” (Lukas 1:32 Vissering_NT)

Duidelijk geven deze teksten aan dat het nog moest gebeuren (een actie in de toekomst). Dus Jezus had nog niet de troon van David gekregen en was ook nog niet de Zoon van de Allerhoogste genoemd. De wortelscheut moest nog groeien uit zijn zaad.

Het was pas in het begin van onze Gewone Tijdrekening dat mensen hem als gezondene van God gingen aanschouwen.

“Wat hebt Gij met ons te maken, Jesus van Názaret? Zijt Gij gekomen, om ons in het verderf te storten? Ik weet, wie Gij zijt: de Heilige Gods.” (Markus 1:24 Canis)
“Natánaël antwoordde Hem: Rabbi, Gij zijt de Zoon van God; Gij zijt de Koning van Israël.” (Johannes 1:49 Canis)
“Maar deze zijn opgetekend, opdat ge geloven moogt, dat Jesus de Christus is, de Zoon van God; en opdat ge, door te geloven, het leven moogt hebben in zijn naam.” (Johannes 20:31 Canis)

Zij die boeteprediker Johannes de Doper als de Beloofde Messias gingen aanschouwen gingen hun eigen weg. Na zijn dood vormden de Johannes-discipelen nog steeds een bijzondere kring, die zich zelfs tot in Klein-Azië uitbreidde. Zo trof Paulus twaalf leerlingen van Johannes aan in Efeze, die echter, net als Apollos (Handelingen 18:24-26)  voor Jezus Christus werden gewonnen.  Maria’s directe voorouders zouden volgens ‘Het leven der H. Maagd Maria’ behoren tot de Essenen. Zij leefden zo zuiver en sober mogelijk, volgens de leer van Henoch. Maar zij die in Johannes neef niet de Messias zagen maar wel Johannes bleven deze laatste trouw volgen. Die vrome volgelingen van Johannes zagen in Jezus een verrader en daarom splitsten de Mandeeërs zich af van de oorspronkelijke Essenen (= ‘vrome mensen’ of ‘genezers’) die verder ook Maria gingen vereren als een soort ‘Gods openbaring’. {Wat de katholieke traditie in 1854, dertig jaar na Emmericks dood, officieel bevestigde in het Dogma van de Onbevlekte Ontvangenis, wordt door de zieneres Anna uitvoerig beschreven.} Nog altijd bestaan er Johannes-discipelen. Zij noemen zich Sabeeërs en Nazireeërs, en wonen traditioneel in Irak en Iran. Ook de Mandeeërs, een half-Gnostische groep uit Irak, vereren wel Johannes maar niet Jezus. Deze groepen hebben in hun leer en leven niet veel meer van de voorloper van Jezus bewaard dan de naam.

Voor het grootste deel van de Joden was noch Johannes de Doper noch zijn neef Jezus van Nazareth de beloofde Messias. Volgens de joodse traditie moet de Messias nog komen.

Pas na de afsluiting van de kanon werd Messias de gebruikelijke titel van de koning van het Godsrijk, die door de profeten was aangekondigd. Dit gebeurde onder de invloed van de profetische voorzeggingen en het gebruik van de koningspsalmen, met name van Psalm 2 (vgl. Psalm 2.2), bij de Joden na de ballingschap. Zo komt de titel “Messias” voor in de oudste Aramese vertalingen van het Oude Testament (Onkelos en Jonathan). In het Nieuwe Testament treffen wij de Hebreeuwse titel alleen aan in Johannes 1:42 en 4:25 . Het Nieuwe Testament heeft verder het Griekse woord Christos. In de evangeliën staat dit woord zelfs vaak met het lidwoord (de Gezalfde), terwijl vooral de brieven het als eigennaam zonder lidwoord gebruiken.

In de Oude Boekrollen staat de optekening dat na de (uiterlijke) overwinning op de vijanden de beloften van meer innerlijke zegeningen gingen volgen. Zo zou de Geest der genade en der gebeden door God worden uitgestort over het ‘huis van David’ (het geslacht van David bekleedde blijkbaar te midden van de Jeruzalemmers nog een vooraanstaande plaats!) en de inwoners van Jeruzalem (Zacharias 12.10).  Het beschrevene beslaat de toekomst waarin de mensen zouden kunnen gaan aanschouwen, die zij doorstoken hebben. De tekst geeft aan, dat de doorstokene een eschatologische figuur is: hij zal een leider zijn, die het slachtoffer wordt van de hartstochten van het volk. Hij is dezelfde, die als de lijdende ‘Knecht des Heren” in Jesaja hoofdstuk 53 wordt aangekondigd; een heenwijzing naar Christus die aan de houten paal zou sterven. In Johannes 19.37 wordt deze tekst letterlijk weergegeven.

“En weer een ander Schriftwoord zegt: “Ze zullen opzien tot Hem, dien ze hebben doorboord”.” (Johannes 19:37 Canis)

{De profeet vergelijkt deze rouwklacht met een heidens rouwfeest, dat ter ere van de natuurgod Hadad-Rimmon in het dal van Megiddo jaarlijks werd gehouden, omdat men meende dat de god gestorven was (Zacharias 12.11). Het gehele volk in allerlei groepen en geledingen (Zacharias 12.12-14); Natan, een zoon van David, (2 Samuel 5.14) deelt in deze rouwklacht.}

Goddelijk Geschapen

De Zoon van God van de aankondiging van Gabriel is niemand minder dan de goddelijk gecreëerde Zoon van God, die in bestaan komt — wordt voortgebracht (begotten) — enig geboren als zoon in de baarmoeder van zijn moeder. Alle andere eisers naar goddelijk zoonschap en Messiaanschap kunnen veilig ter zijde gelegd worden.

Only begotten Son of God (Russia, priv.coll.)

De eniggeboren zoon van God of De enige voortgebrachte zoon van God. - Tempera op houtpaneel met dubbele kovcheg. Deze icoon illustreert de tweede antifoon van de Liturgie van de Heilige Johannes Chrysostomos die begint met "Enkel Voortgebrachte Zoon en Woord van God. ..”. God de Vader bovenaan, onder Christus Immanuel in een cirkel die door engelen wordt gesteund. Modern. 27,6 x 23,5 cm. neuzeitlich (voor 20°eeuw)

Een “Zoon van God” die de natuurlijke zoon van Jozef zou zijn zou volgens Gabriels boodschap niet het bewijs van een Messias kunnen zijn.  Het zoonschap van God ligt in het feit dat Jezus werkelijk door God, als Vader, in de moederschoot is geplaatst. Een door het zaad van een man in de vrouw geschapen kind zou geen zoon van God kunnen voortbrengen in dezelfde zin. Want in zekere zin zijn alle afstammelingen van Adam en Eva ook kinderen van God (namelijk schepselen van God). Maar een door menselijk zaad verwekte zoon kon niet die Goddelijkheid hebben als Christus bevatte. Zo’n persoon zou aan de ‘Zoon’ niet beantwoorden die zoon is op grond van een unieke goddelijke interventie in de biologische ketting. Evenzeer fout naar de definitie van de ‘Zoon van God’ volgens Gabriel zijn definitie, zou een zoon zijn die voor zijn ontstaan reeds bestond. Zo’n zoon zou helemaal niet kunnen beantwoorden aan de Messias zoals voorgesteld door Gabriel, één wiens bestaan op een creatieve daad in de geschiedenis vanwege de Vader is gebaseerd. En het was Gods geest die er zorg voor droeg dat Mariawerd bedacht ‘met kind te zijn’. Haar zwanger worden was een actie in die tijd. Het ‘ontvangen’ of ‘zwanger worden’ was een gebeurtenis die toen slecht plaats vond en een kind dan pas tot stand bracht en niet een reeds bestaand kind terug bracht. Jezus kwam tot wording in de baarmoeder van zijn moeder, de maagd Maria.

+

Vorig artikel: Het begin van Jezus #9 Een kwestie van Toekomst

English version (partly): Jesus begotten Son of God #8 Found Divinely Created not Incarnated

Vervolgt: Twee millennia geleden voortgebracht en geboren

++

Lees ook:

  1. Gabriël (of: Gavri’el (Hebr.), Gabrielus (Lat.), Jibrĩl, Jibrail (Arab.) Aartsengel. Boodschapper van God. Verschijnt in de Bijbel aan Daniël, Zacharias en Maria. Dicteert Mohammed de Koran.
  2. Voorspellingen van de Eniggeboren zoon

  3. Christus verwekt door de Kracht van de Heilige Geest
  4. Een man die de geschiedenis van het mensdom veranderde
  5. Gezalfde Gezant van God
  6. Yahushua, Yehoshua, Yeshua, Jehoshua of Jeshua
  7. Heer, Yahuwah, Yeshua of Yahushua
  8. Zeus een heerser van hemel en aarde
  9. Heil tot de gezondene van God of Zeus
  10. Incarnatie en Onsterfelijkheid

In het Engels: Related articles in English:

  1. Christ begotten through the power of the Holy Spirit
  2. Written to recognise the Promissed One

  3. Jesus begotten Son of God #13 Pre-existence excluding virginal birth of the Only One Transposed

About Christadelphians

Free Christadelphians or Brothers and sisters in Christ, living in Belgium, European Union. - Vrijë Christadelphians of Broeders en zusters in Christus wonende in België in de Europese Unie.
This entry was posted in Jezus Christus, Jesus, Jeshua, Jahushua and tagged , , , , , , , , , , , , , , , , , . Bookmark the permalink.

4 Responses to Het begin van Jezus #11 Goddelijk verwezenlijkt en niet geïncarneerd

  1. Pingback: Het begin van Jezus #12 Gezalfd na Johannes de Doper | Broeders in Christus

  2. Pingback: Materialisme, “would be” leven en aspiraties #6 | Broeders in Christus

  3. Pingback: Vertrouwen, Geloof, Roepen en Toeschrijving aan Jehovah #14 Gebed #12 De andere naam | Christadelphians : Belgian Ecclesia Brussel - Leuven

  4. Pingback: Azteekse en Romeinse tradities die ons nog steeds beïnvloeden | Stepping Toes

Laat een Reactie achter - Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s